Hé, even eerlijk: AI is best handig voor een groepsopdracht. Iedereen gooit een prompt in de app en binnen vijf minuten hebben we een structuur, bronnenlijst en zelfs een mooie intro. Klinkt als winst, toch? In de praktijk voelt het soms meer als studie op de automatische piloot.
De kans is duidelijk. We kunnen sneller brainstormen, taalfouten opruimen en lastige begrippen laten uitleggen zonder dat iemand de hele avond hoeft te googelen. Vooral bij vakken met veel literatuur scheelt dat echt tijd.
De valkuil zit hem in het groepsproces. Ik zie het bij ons steeds vaker: we delen een AI-tekst, passen een paar woorden aan en noemen het “ons werk”. Niemand heeft echt uitgemaakt waarom we die keuze maken. Dat is precies waar docenten over praten als ze hun toetsing aanpassen, maar in de groep merk je het pas als de mondelinge verdediging begint en niemand de argumenten kan uitleggen.
En dan is er nog de coördinator-rol. Leuk idee om zelf regels te maken voor AI-gebruik, maar wie doet dat? Vaak dezelfde twee mensen die toch al alles organiseren. Dat wordt onbetaald extra werk, en niet iedereen heeft dezelfde toegang of vaardigheid met AI. Zo ontstaat er stiekem een kloof in de groep.
Kort: AI kan ons helpen samenwerken, maar het vervangt niet het samen nadenken.
Mijn tip voor nu: gebruik AI als sparringpartner, niet als schrijver. Laat hem een mindmap maken, maar bespreek die eerst zonder scherm. En leg in de appgroep vast wie wat doet en waarom. Dat kost vijf minuten extra, maar je leert er wel echt van.